Ik zit afgelopen weekend met mijn jongste dochter in de auto. We hebben net in de bioscoop Zootropolis 2 gekeken. Geen slechte film, als je van kinderanimatiefilms houdt. Deel 1 was al niet slecht, en deel 2 is wonder boven wonder niet slechter. Minder origineel, want een second installment, maar met weinig herkauwen en nog steeds goed verteld met veel humor, vaart, plezier en een boodschap waar ik me aardig in kan vinden. Lief ook wel, niet onbelangrijk. Lief zijn is een activiteit die de laatste jaren nogal onder druk staat, dus alles wat kinderen daarmee in aanraking brengt kan sowieso op mijn goedkeuring rekenen. Met je kinderen naar een film gaan die er vol van genieten is een double bill, dubbel waar voor je geld. Zij genieten, en daar geniet je dan zelf weer van. Dief van je eigen portemonnee als je dat niet af en toe opzoekt. Maar goed, we zitten in de auto naar huis en het gesprek leidt ons elders. Naar Men In Black om precies te zijn. Onlangs hebben we die samen gekeken en die film bleek er met de jaren alleen maar beter op geworden. Dat zei ik ook tijdens het kijken, ik heb hem zelfs - doodzonde, ik weet het - af en toe teruggespoeld om te vertellen waarom iets eigenlijk zo goed of leuk was. Dat is kennelijk blijven hangen, want ze vraagt: "Hoe kan het eigenlijk dat zo'n oude film als Men In Black nog steeds zo goed is?" "Waarom denk je?", ontwijk ik de vraag. "Ik denk omdat niks van wat ze doen ouderwets is, alle dingen die erin zitten zijn niet achterhaald en zouden nog steeds kunnen." Valide punt. Ze doelt op de techniek in de film, de wapens die erin zitten, de communicatievormen. Ondanks dat het ontegenzeggelijk peak nineties is in de film, voelt al die shit nergens echt ouderwets maar vooral heel eigen. Ik bedoel, Men In Black is science fiction. En inmiddels zijn we 2049 met rasse schreden aan het naderen maar het wereldbeeld dat we in Blade Runner 2049 kregen voorgeschoteld is nog niet echt happening (hierover zal ik in een volgende editie of vorm misschien nog een keer wat uitwijden). Scifi relevant en geloofwaardig houden is heel moeilijk. Dus doe je zelf een lol en kijk Men In Black gewoon weer een keer. Je zal je echt goed vermaken, wollah. Dan moet ik denken aan een term uit mijn vorige nieuwsbrief: radicaal vakmanschap. Die term typte ik min of meer per ongeluk, maar hij bleef bij me hangen en resoneerde bij een aantal van jullie. Er zit iets in. Ik vervolg. Of steek van wal, het is maar hoe je het ziet (ik zal de eerste zijn die schuld bekend aan het fathersplainen van mijn kinderen): "Volgens mij heeft het ook te maken met dat het gewoon heel goed gemaakt is. Ik bedoel echt goed verteld, met veel gevoel voor details, en de humor die erin zit is echt grappig en ze hebben ook geld uitgegeven aan het maken van alles. Er zit echt liefde en vakmanschap in, en dan krijg je soms een hele goede film die ook gewoon heel goed blijft, hoe oud hij ook is. Een beetje zoals met een huis. Als je een huis heel goed bouwt, met een heel stevig fundament, en een hele goede constructie, en je huurt echte vakmensen in die allemaal heel erg hun best mogen doen, dan kan het zijn dan je een heel goed huis bouwt dat na twee eeuwen nog steeds een heel goed en fijn huis is. Dat letterlijk staat als een huis." Een film die staat als een huis. Er zijn meer van dat soort films. The Godfather deel 1 heeft zo zijn eigen tempo en wereld dat hij bijna gewoon nu uitgebracht had kunnen zijn. Als ik de orginele 101 Dalmatiërs zie, valt het me ook altijd op hoe goed die film in elkaar zit. Indiana Jones and The Last Crusade zelfde verhaal. Un Prophète idem dito. Pulp Fiction. Films waaraan je niks hoeft te veranderen omdat ze zo verdomde goed zijn. En ik betrapte mezelf er laatst bij One Battle After Another ook weer 's op. Het gevoel dat je iets ziet dat z'n eigen tijdscapsule creëert. Een film die overduidelijk in een bepaald tijdperk gemaakt is, maar dat tijdperk ook overstijgt. Soms zijn dat ook dus films die niet in ieders top 10 lijstje zijn. Zoals dus Men In Black. Of A Bridge Too Far. En dat doet me weer denken aan de vier begrippen die ik in het mission statement van Barkas typte: quality, simplicty, detail & boldness. Volgens mij zijn dat de vier eigenschappen die de voorwaarde scheppen van vakmanschap en volgens mij leidt vakmanschap tot tijdloze dingen. Of dingen die beter worden met de tijd. Of dingen waarop de tijd niet echt invloed heeft. Allemaal andere manieren om een beetje hetzelfde te zeggen. En als ik in mijn vorige nieuwsbrief beloofde dat ik wat meer zou vertellen over de eerste voorzichtige stappen van BARKAS maar ook wat minder lang te worden dan sluit ik graag af met de eerste concretisering van een idee. Dat is geen film of ambitieus project maar iets dat voortkomt uit mijn behoefte om weer een gemeenschap om me heen te hebben en wat gaat over zoiets als Men In Black. En het werd geïnspireerd door een uitspraak die ik las in een interview met de Japanse kok Yoshihiro Murata (een radicale vakman), wanneer hem gevraagd wordt hoe het kan dat hij na 50 jaar nog steeds zo gemotiveerd is. Hij zegt dan: "It's about sharing the fire of passion with others in life. If you can enlighten others, and therefore inspire others, you can get encouragement back again and be inspired by them. If they are inspired, I'm also inspired, and they can share their fire with me." Daarom heb ik vorige week met Samen sta je altijd sterker. Groet & geïnspireerde week gewenst, Victor |

You’re on this mailinglist because we like you.
Abonneren om toekomstige nieuwsbrieven te ontvangen.