Goedemorgen, Een paar weken geleden zat ik op de fiets. Het was geen bijzondere ochtend. Mijn vaste route naar kantoor. Over de rotonde rechtdoor het park in. Over het kronkelweggetje zie ik rechts van me, boven het water, ineens iets felblauw fladderen. De vleugels gaan snel op en neer. Terwijl het zo’n beetje parallel aan mij vliegt zie ik de onderkant oranje. Ik herken ‘m meteen. Dat is een ijsvogel! Klein, blauw, alsof 'ie uit een droom is ontsnapt. Hij landde op een tak boven het water. Trots, onbereikbaar, alsof hij wist dat ik precies zo’n man ben die blij wordt van vijf seconden natuur. Het maakte m’n week. Elke ochtend dat ik weer naar kantoor fietste, dacht ik eraan. Op die ene specifieke plek staarde ik weer naar die tak. Zo veilig als ik met beide handen aan het stuur kon. Zonder gruwelijk op m’n bek te gaan. Hier had ik ‘m gezien. Hier zou ik ‘m weer kunnen zien. Ik fixeerde op de plek. Ik moest ‘m hier weer tegenkomen. Alsof ik een perfecte avond van een paar weken geleden probeerde na te bootsen. Als ik alle stappen maar precies hetzelfde nam, zou het weer gebeuren. Magie. Maar net als dat restaurant waar je na een magische eerste ervaring de tweede keer gaat eten. Gingen er weken voorbij en de ijsvogel was weg. Met elke dag dat ik naar kantoor fietste en de vogel niet zag, zonk de moed verder in mijn schoenen. Tot vanmorgen. Ik zette Kate af op school en de lucht is krakend blauw. De zon komt op terwijl buiten mensen driftig staan te krabben. Je weet wel, zo gehaast, jas half open. Zuchtend dat ze hier eigenlijk helemaal geen tijd voor hebben. Ik deed m’n oortjes in, zette de release radar van Spotify op. Nieuwe muziek. Ik besluit spontaan om mijn wandeling van school naar huis wat groter te maken. Ik neem ‘n omweg. Langs het kanaal. Terug naar huis. De muziek is goed, ik wandel met wat bounce in m’n stap. Op de maat van de muziek. Blij en met koude neus kom ik thuis, pak m’n fiets en vertrek naar kantoor. Over de rotonde en nog voordat ik goed en wel het park in ben zie ik 'm weer. Alleen niet op die heilige plek waar ik me al die tijd op blind gestaard had. Ik schoot in de lach. Om mezelf. Met mijn belachelijke neiging om geluk te behandelen als een recept dat mislukt zodra je één misstap zet. Geluk haat herhaling. En het houdt helemaal niet van mensen die te hard hun best doen. Ik was die ijsvogel niet kwijt. Ik zocht alleen steeds op de verkeerde plek. LYLT Vind je dat iemand anders deze mail ook moet lezen? Stuur deze dan door. Heb jij de deze mail doorgestuurd gekregen? Schrijf je dan hier in. Lekkere links om over te lullen tijdens de lunch
|
