Na mij op JoepTjoep te hebben vergaapt aan een vooroorlogs Inuitgezinnetje in hun helse biotoop, raakte ik verzeild in de surfromantiek. Palmstranden, melanoom gebronsde lichamen. Onversneden hedonisme onverenigbaar met een kantoorbaan. Een levenslange verslaving tot men niet meer op zijn benen kan staan en de huid op die van een bejaarde Eskimo lijkt. Ook ik heb eens gesurfd, op een windstille nazomeravond in Bergen aan Zee. Alleen al vanwege het aan- en uittrekken van dat claustrofobische badpak leek een kantoorbaan mij zo gek nog niet. Nu heb ik ook niet de gewichtloze vervoering mogen voelen van gedragen worden op ook maar één rimpel van belang. Laat staan trillend van de adrenaline in de aquamarijne tunnel van een killer wave langs de branding te zijn gesmeten, met een middelvinger naar de Almachtige die helemaal niet gediend is van dit soort spelletjes van de pedante homo ludens. Toch ervoer ik iets van het Aloha-gevoel flanerend over de boulevard in een van mijn vriend Norrieboy geleend lek wetsuit met een plank 'losjes' onder de arm. Men kon niet anders dan vermoeden met een professional van doen te hebben die zojuist gestoeid had met het getij en met flair aan de verdrinkingsdood was ontsnapt. Wat in feite ook zo was, omdat ik bijna gestikt was in een golf zeewater toen ik in paniek om mijn vriend riep omdat ik volgens mij te ver van het strand was afgedreven. Het continu op het surfboard klimmen was een exercitie die me aan Sisyphus deed denken. Maar samen met Nor dobberend op een egale branding bij zonsondergang, dat was weer Zen, mijmerend op een bankje over wat ooit was. We hadden wel een patatje verdiend, en gefrituurde loempiaatjes en een biertje. Want dat hoorde er ook bij. Lekker eten, drinken, beetje drugs, ons bekeken voelen door jonge vrouwen die wel eens genoeg hadden van hun prematuur ejaculerende leeftijdgenoten, zoals dat zo treffend heet. Nee, wij waren met onze doorleefde koppen, onze ervaring én jeugdig elan, nog steeds een zeer benijdenswaardige vangst, meenden Norrieboy en ik op het terras van het strandpaviljoen in wetsuits die onze lichamen fijn accentueerden. Men kon ons van van alles betichten, maar stijve lullen waren wij absoluut niet! Okt 2026 |
Meel 287 Aloha
Na mij op JoepTjoep te hebben vergaapt aan een vooroorlogs Inuitgezinnetje in hun helse biotoop, raakte ik verzeild in de surfromantiek. Palmstranden, melanoom gebronsde lichamen. Onversneden hedonisme onverenigbaar met een kantoorbaan. Een levenslange verslaving tot men niet meer op zijn benen kan staan en de huid op die van een bejaarde Eskimo lijkt. Ook ik heb eens gesurfd, op een windstille nazomeravond in Bergen aan Zee. Alleen al vanwege het aan- en uittrekken van dat claustrofobische badpak leek een kantoorbaan mij zo gek nog niet. Nu heb ik ook niet de gewichtloze vervoering mogen voelen van gedragen worden op ook maar één rimpel van belang. Laat staan trillend van de adrenaline in de aquamarijne tunnel van een killer wave langs de branding te zijn gesmeten, met een middelvinger naar de Almachtige die helemaal niet gediend is van dit soort spelletjes van de pedante homo ludens. Toch ervoer ik iets van het Aloha-gevoel flanerend over de boulevard in een van mijn vriend Norrieboy geleend lek wetsuit met een plank 'losjes' onder de arm. Men kon niet anders dan vermoeden met een professional van doen te hebben die zojuist gestoeid had met het getij en met flair aan de verdrinkingsdood was ontsnapt. Wat in feite ook zo was, omdat ik bijna gestikt was in een golf zeewater toen ik in paniek om mijn vriend riep omdat ik volgens mij te ver van het strand was afgedreven. Het continu op het surfboard klimmen was een exercitie die me aan Sisyphus deed denken. Maar samen met Nor dobberend op een egale branding bij zonsondergang, dat was weer Zen, mijmerend op een bankje over wat ooit was. We hadden wel een patatje verdiend, en gefrituurde loempiaatjes en een biertje. Want dat hoorde er ook bij. Lekker eten, drinken, beetje drugs, ons bekeken voelen door jonge vrouwen die wel eens genoeg hadden van hun prematuur ejaculerende leeftijdgenoten, zoals dat zo treffend heet. Nee, wij waren met onze doorleefde koppen, onze ervaring én jeugdig elan, nog steeds een zeer benijdenswaardige vangst, meenden Norrieboy en ik op het terras van het strandpaviljoen in wetsuits die onze lichamen fijn accentueerden. Men kon ons van van alles betichten, maar stijve lullen waren wij absoluut niet! Okt 2026 |